![]()
|
|||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
|
Frank is bezig met de dikke lat die de stootrand simuleert. Bij deze laatste gang heb je meer breedte nodig. De dikke stootrand doet anders de laatste gang dunner lijken
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Dit model is iets kleiner dan de echte gang omdat we met een passer de echte maten als delen van een cirkel op deze strook overnemen. Vanuit het model worden deze maten op een plank overgebracht om uit te kunnen zagen. |
|
|
|
Aan het model van het eerste deel wordt een lange triplex strook geschroefd waarop de rest van de gang wordt afgetekend.
|
|
|
|
Twee planken worden op elkaar gespijkerd en samen uitgezaagd. Uitgangspunt is dat de gangen aan weerskanten van de kiel gelijk zijn. Ze worden later in detail op maat gemaakt.
|
|
|
|
Daarom word aan het begin en het einde van een gang bij de eerste 30 cm, met een breedte van 2 cm de halve hoogte weggeschaafd.
|
|
|
|
Bij de onderliggende gang wordt er naast de halve hoogte ook een mesvorm aan geschaafd. Dit om te voorkomen dat bij druk op de overliggende gang, de rand van deze gang afscheurt.
|
|
|
|
Het stomen gebeurt in een multiplex kist, waar een behang afstomer in staat te blazen. Aan de binnenkant van de kist zit een waterleiding met gaatjes om de stoom egaal door de kist te blazen. De steuntjes in de kist waar de plank op ligt zijn van hout.Als hier metaal zou zitten zou dat zwarte vlakken geven.
|
|
|
|
De gang komt eerst voor onder een (tijdelijke) beugel die met een wig de zaak vast zet. Dan wordt de gang naar achter neergelaten en per station van voor naar achter geklemd.
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Copyright(c) 2004 Johan Mulder. All rights reserved.
jmu@xs4all.nl